Doorgaan naar hoofdcontent

Appeltaart


De appeloogst is dit jaar ongekend. We hebben zeker een kilo of 25 geoogst, waarvan zeker 15 kilo aan goudrenetten. De nieuwe soorten hebben hele kleine appeltjes gekregen, de oudere krijgen elk jaar een grotere oogst. Het is onvoorstelbaar dat er zulke heerlijke vruchten uit komen. Elk jaar weer.

De peren waren dit jaar niet zo talrijk. We hebben geen enkele geoogst. Net als dat er weinig pruimen voor ons waren. De bloesem in het voorjaar heeft het er moeilijk mee als er nog regelmatig nachtvorst overheen komt. 

Heel veel vruchten

De amandelboom heeft wel heel veel vruchten afgegeven, niet allemaal met een heel klein amandeltje erin, maar genoeg. Net als dat we heel morellen hebben gehad. De andere kersen deden het ook heel redelijk. Aan frambozen, rode bessen, zwarte bessen en bramen ook geen gebrek.

Het was wel een bijzonder appeljaar. De appels waren vroeg rijp. En ze werden ook al heel vroeg aangevreten door wespen. Daarom hebben we bepaalde appels vroeg geplukt, zoals de groninger kroon, jonagold en elstar. De warme en zeer zonnige dagen in augustus en september zorgden ervoor dat de goudrenet ook heel vroeg rijp was. 

Afrijpen en schillen

We hebben ze in de badkamer, waar het in ons huis het koudste is, laten afrijpen in donkere dozen. De temperatuur is dan nog wel een beetje te heet, maar als je ze goed in de gaten houdt, is het goed te doen. Daarom hebben we deze week een flink deel van de appels geschild voor de appeltaart. Ruim 2 kilo is ingevroren. Het schijnt te kunnen, we gaan het merken.

Van de andere zeer royale kilo hebben we een appeltaart voor nu gebakken. Het was een bijzondere samenstelling van allerlei appelsoorten: goudrenet, red love, zoete ermgaard, jonagold en elstar. Het levert een heel kleurrijke appeltaart op met een enorme stortvloed aan smaken. Nooit geweten dat appels zo verschillend van elkaar smaken. Een appeltaart is al heel erg feest, maar dit is extra feest.

Reacties

Populaire posts van deze blog

67 potten

  Stadslandbouw hoort bij Oosterwold. Als ik mensen vertel waar ik woon dan beginnen ze vaak over de doorwaadbare zone en stadslandbouw. Wat doe jij eraan, zeggen ze dan. Er klinkt een soort verwijt in door. Meestal hebben ze klokken horen luiden, maar waar de klepels hangen.... Gazons De wijk is vergeven van de groene gazons waar weinig landbouw te bespeuren is. Dat stemt droevig omdat de opzet van de wijk is dat mensen in elk geval voor een deel in hun eigen voedsel voorzien. De gemeente noemde een tijdje terug ineens een percentage van 10 procent. Oosterwold zou voor 10 procent van de voedselvoorziening in Almere moeten voorzien.  Geen idee waar dat percentage vandaan komt, zal ook van iemand komen die dezelfde klok heeft horen luiden. Ik las over Den Bommel op Goeree-Overflakkee waar volkstuintjes worden opgeofferd voor woningbouw . De grond verkopen aan een projectontwikkelaar is veel lucratiever. Onder het mom van woningnood zijn de volkstuintjes het eerste doelwit. Gee...

Kappen

Ik hoor het gezaag in de bosstrook vlakbij ons huis. Ik weet het. De boomploeg een paar weken terug waarschuwde mij al: hier gaat worden gekapt. Mannen met laarzen, zaagvrije broeken en grote motorzagen bevestigen het als ik wat later mijn wandeling door het bos loop. Rob Bijlsma vertelde het mij deze zomer in zijn boek: Kerken van goud, dominees van hout . Staatsbosbeheer is een ordinaire boomproducent die geld moet ophalen met het kappen van zijn kostbare bossen. De energietransitie vraagt heel veel hout. De korrels - pellets - zijn nodig om 'groene energie' op te wekken.  Bijlsma pleit juist voor minder beheren (lees: kappen) en meer observeren (gewoon laten staan en zien wat er gebeurt). Er is zo verschrikkelijk veel te ontdekken wat we nog niet weten. Populieren Dit keer moeten de populieren eraan geloven. Ik zag het al bij het Almeerse kasteel, hoe het aangrenzende bos aan de andere kant van het fietspad uitgedund werd van populieren. Als er een bos aan moet geloven, voel...

Wilgenhut

De wilgenhut in de tuin groeit flink door. Sinds afgelopen zomer zijn er flinke staken bijgekomen. Ze wijzen allemaal naar de lucht. Om de hut weer een beetje verversing te geven heb ik deze wintermaanden heel traagjes de hut weer bij elkaar gevlochten. Het is indrukwekkend hoe hard wilgen groeien. Sommige takken waren echt al van een flink formaat en niet meer zomaar om te buigen. Eigenlijk moet je ergens in de zomer al wat takken weghalen of vervlechten in de hut.  Alleen ben ik voorzichtig vanwege de mogelijke vogels die bovenin de hut broeden. Ik zag best wel vaak een merel de hut in en uit vliegen. Een broedsel storen, wil ik niet op mijn geweten hebben. Zeker in deze tijd waarin elke vogel telt.  Het is een flink karwei, maar levert ook heel mooie resultaten op. De takken heb ik over het dak heen getrokken en soms ook langs de zijkant geleid. Zo ontstaat een vervlochten geheel. Ik weet niet zeker of alle takken het redden. Sommige braken tijdens het buigen voor een deel....